“Kijk nou,” fluisterde Lotte, die haar slaapogen direct wijd openzette. “Het lijkt wel of we buiten in het bos zitten te eten!”
Het ontbijt werd geserveerd op robuust aardewerk in natuurlijke aardetinten:
Warme broodjes: Versgebakken ‘pistolets’ en croissants in een mandje gevoerd met linnen, geserveerd met ambachtelijke bosvruchtenjam.
Streekproducten: Een plankje met Ardense ham en kazen van de nabijgelegen abdij, versierd met takjes rozemarijn en tijm.
De verrassing: Een kleine karaf met versgeperst appelsap van een boomgaard uit de vallei, dat een diepe, gouden kleur had.
Jérémy kwam even langs de tafel met een grote wandelkaart die hij op een onbezet deel van de tafel uitvouwde. “Vandaag is het prachtig weer,” zei hij met een blik naar buiten. “Als jullie willen, heb ik een route die jullie langs de Warche voert, richting het kasteel van Reinhardstein. Het is een stevige wandeling, maar de uitzichten zijn… magnifique.”
Harrie keek de dames aan. Sally knikte direct; de wijn van gisteravond was uitgewerkt en de energie van het bos trok aan haar. Trees nam een laatste hap van haar croissant en keek naar de kaart. “Laten we het doen, Harrie. Ik heb mijn wandelschoenen niet voor niets meegenomen uit Nederland.”
Terwijl ze hun koffie opdronken, voelden ze de gezonde spanning van een dag vol beweging en frisse lucht. De ‘Vondst’ van deze ochtend was niet alleen het prachtige ontbijt, maar ook de herwonnen zin om de wereld te ontdekken.
De wandelschoenen werden stevig gestrikt en met de kaart van Jérémy in de rugzak lieten ze La Trouvaille achter zich. De route voerde hen al snel weg van de begaande weg, dieper de bossen in die de vallei van de Warche omarmen. De lucht was strakblauw en de geur van vochtige aarde en dennennaalden prikkelde de zintuigen.
Vooral voor Lotte was de wandeling een transformatie. Waar ze in Nederland vaak teruggetrokken en stil was, leek ze hier met elke stap tot leven te komen. Ze liep een flink stuk voor de groep uit, gewapend met een stevige tak die ze als wandelstok en ‘zwaard’ gebruikte.
“Kijk hier!” riep ze, terwijl ze behoedzaam over een omgevallen boomstam klom die bedekt was met een dik tapijt van neongroen mos. “Het lijkt wel een jungle voor reuzen.”
Sally keek met een brok in haar keel naar haar dochter. Ze zag hoe Lotte stopte bij een klein stroompje dat over de rotsen kletterde, haar handen in het ijskoude water stak en met een grote glimlach de spetters wegveegde. Geen telefoons, geen zorgen, alleen de pure fysieke wereld. Lotte was geen kwetsbaar meisje meer; ze was een ontdekkingsreiziger die de wildernis bedwong.
Na een pittige klim over smalle paadjes met uitstekende wortels, hield Lotte plotseling stil op een rotspunt. “Mam, Harrie, Trees! Kijk dan!”
Daar, diep in de vallei en omringd door een zee van donkergroene sparren, verrees de grijze, granieten burcht van Reinhardstein. De scherpe torens en de zware muren leken rechtstreeks uit een sprookje van de gebroeders Grimm te zijn gestapt. Het kasteel was zo goed verborgen in het landschap dat het pas op het allerlaatste moment zichtbaar werd.
“Het is net een echt ridderkasteel,” fluisterde Lotte vol ontzag.
Trees bleef even staan om op adem te komen en leunde tegen Harrie aan. “Het is een flinke klim, maar dit uitzicht is elke zweetdruppel waard,” zei ze met een blos op haar wangen die niet alleen van de wijn van gisteravond kwam.
Harrie knikte trots. Hij genoot niet alleen van het landschap, maar vooral van het feit dat hij deze drie vrouwen deze ervaring kon geven. In de schaduw van de eeuwenoude burcht voelden hun eigen problemen—hoe groot ze in Nederland ook leken—opeens een stuk kleiner.
Na de indrukwekkende aanblik van de burcht besloot de groep de afdaling naar de vallei in te zetten. Het pad terug was steiler en kronkelde langs de flanken van de heuvel, maar de belofte van de kletterende rivier onderin het dal hield de moed erin. Lotte sprong als een jonge berggeit van steen naar steen, terwijl Harrie en Trees voorzichtig hun weg zochten over de gladde leisteen.
Beneden aangekomen, waar het kasteel hoog boven hen uit torende, vonden ze een smal, bijna overwoekerd visserspad dat direct langs de oever van de Warche liep. Na een paar minuten wandelen door het hoge gras, opende het bos zich naar een kleine, beschutte inham.
Het was een volmaakte plek: een vlak stuk met zacht gras, precies waar de rivier een bocht maakte en het water over een paar grote, platte rotsblokken stroomde. De zon viel hier precies tussen de hoge bomen door en verlichtte de kabbelende rivier als een veld vol diamanten.
“Kijk eens,” zei Harrie, terwijl hij zijn rugzak afdeed. “De ideale plek voor onze eigen ‘vondst’ van de dag.”
Harrie had niet stilgezeten bij het ontbijt en had, met toestemming van Josiane, een flinke voorraad streekproducten meegenomen. Terwijl Sally en Trees hun vermoeide voeten even in het kristalheldere, maar ijzig koude water van de Warche dompelden, spreidde Harrie de linnen doek uit op het gras.
De stevige Ardense kazen en het grove boerenbrood smaakten buiten nog lekkerder dan aan de ontbijttafel.
Lotte probeerde met een stokje de waterjuffers te vangen die boven het water dansten, terwijl ze af en toe een hap nam van een sappige appel.
Terwijl ze daar zo zaten, luisterend naar het rustgevende geluid van het stromende water, ontstond er een moment van diepe verbondenheid.
“Weet je,” zei Sally zacht, terwijl ze naar de stroom keek, “thuis in de stad voelt alles altijd zo… vastgelopen. Alsof je in een tredmolen zit. Maar hier, bij deze rivier, besef ik dat alles altijd in beweging is. Net als het water.”
Trees knikte en legde een hand op de arm van Sally. “Dat is precies waarom Harrie ons hierheen heeft gebracht, Sally. Om te zien dat er buiten de muren van de winkel en de zorgen van alledag nog een hele wereld is die gewoon doorgaat. Die rivier vraagt niet om diploma’s of efficiëntie, die stroomt gewoon.”
Harrie keek tevreden naar de twee vrouwen. De Ardennen deden hun werk. De scherpe randjes van de afgelopen maanden werden door het water van de Warche langzaam maar zeker glad gepolijst, net als de stenen in de bedding.
Toen het viertal aan het einde van de middag het grindpad van ‘La Trouvaille’ weer op liep, waren de benen zwaar, maar de hoofden licht. De geur van de herfstbossen zat in hun kleren en de gezonde blos op hun wangen was gebleven. Ze verheugden zich op een warme douche, maar de grootste verrassing wachtte hen in de eetkamer.
Josiane en Jérémy hadden de ervaringen van hun wandeling feilloos vertaald naar de tafel. Het thema van de tweede avond was ‘Natuur en Herstel’, een eerbetoon aan de helende kracht van de Ardennen en de nieuwe energie die Sally en Lotte die dag hadden gevonden.
De tafel was deze keer niet bedekt met boeken of perkament, maar met elementen die ze die middag aan de oever van de Warche hadden kunnen zien.
In plaats van een stoffen loper was er een basis van echt, geurend mos en schors gelegd.
De tafeldecoratie bestond uit rivierstenen die exact leken op de stenen waar Sally en Trees hun voeten in het water hadden gestoken.
Tussen de borden stonden kleine glazen vaasjes met varentjes en dennentakjes, waardoor het leek alsof de tafel een verlengstuk was van het bos.
Lotte raakte voorzichtig een plukje mos aan. “Kijk nou, het is net of we weer bij de rivier zitten, maar dan zonder de koude wind!”
Het diner was samengesteld uit lichte, voedzame ingrediënten die symbool stonden voor nieuwe kracht:
Voorgerecht: Een salade van wilde kruiden en eetbare bloemen, besprenkeld met een dressing van Ardense honing en walnoten.
Hoofdgerecht: Forel uit de lokale rivier de Amblève, bereid met amandelen en citroen, geserveerd op houten planken die de rustieke sfeer versterkten.
Dessert: Een sorbet van bosvruchten, gepresenteerd in een uitgeholde steen, wat een spectaculair gezicht was in het zachte kaarslicht.
Terwijl ze aten, merkte Harrie dat het gesprek een diepere laag kreeg. De sfeer van ‘herstel’ zorgde ervoor dat Sally voor het eerst openhartig durfde te praten over de toekomst. “Vandaag, aan die rivier, voelde ik voor het eerst dat ik niet meer alleen ‘het slachtoffer’ ben,” zei ze zachtjes tegen de groep. “Ik ben weer Sally, de vrouw die een berg kan beklimmen.”
