Zijn verse kruiden gezonder dan gedroogde kruiden?

Koken met kruiden is lekker en gezond. Kruiden zitten vol gezonde stoffen. Ze geven je gerechten een boost waardoor je minder of geen zout hoeft toe te voegen, ook dat is goed voor je gezondheid. Maar wat is nu eigenlijk gezonder: gedroogde of verse kruiden? En hoe gebruik je ze het beste?

Kruid of specerij?
In bijna iedere keuken is wel een lade of kastje te vinden met een verzameling kruiden en specerijen. Logisch, want kruiden en specerijen geven kleur en diepgang aan een gerecht en zorgen voor een rijke wereld aan smaak. Wanneer is iets nu een kruid en wanneer een specerij? Dat verschil is niet altijd helder. Volgens de “Van Dale” is een specerij een aan gerechten toegevoegde prikkelende stof. Een kruid wordt omschreven als een klein gewas met sappige, niet houtachtige stengel. Maar er zijn ook kruiden als rozemarijn en tijm die wél een houtachtige stengel hebben. Een duidelijker onderscheid is dat specerijen in tegenstelling tot kruiden altijd gedroogd zijn. Van specerijen gebruik je niet de blaadjes, maar bijvoorbeeld de stengel, bes, wortel of stamper. Specerijen zijn vaak afkomstig van planten die groeien in tropische klimaten. Enkele voorbeelden zijn nootmuskaat, dat afkomstig is van de muskaatboom, kaneel, wat de binnenbast is van de scheuten van de kaneelboom en saffraan, wat de stamper is van een bijzondere krokussoort. Kruidenplanten groeien meestal in gematigde klimaten en hiervan worden juist vooral de blaadjes gebruikt. Deze blaadjes kun je zowel gedroogd als vers toevoegen als smaakmaker.