Een alleenstaande schooljuffrouw adopteerde twee weesbroers. Toen ze opgroeiden en piloot werden, keerde hun biologische moeder terug met 10 miljoen peso, in de hoop een ‘koopgeld’ te betalen om hen terug te krijgen…

Maria Santos was toen   al begin dertig. Ze woonde alleen in een oud lerarenhuis bij een openbare school aan de rand van een provinciestad op de Filipijnen. Het salaris van een leraar was mager, haar maaltijden eenvoudig en bescheiden, maar aan liefde had ze nooit gebrek gekend.

Op een middag, terwijl de stortregen met bakken naar beneden kwam, zag mevrouw Maria op de trappen van het plaatselijke gezondheidscentrum twee tweelingjongens dicht tegen elkaar aan gekropen onder een dun stuk stof, huilend tot hun stemmen schor waren. Naast hen lag slechts een verfrommeld briefje met de volgende tekst:

“Laat iemand anders ze alsjeblieft opvoeden. Ik heb er zelf de middelen niet meer voor…”

Mevrouw Maria tilde beide kinderen in haar armen, haar hart kromp ineen. Vanaf dat moment nam haar leven een totaal andere wending.

Ze noemde de jongens  Miguel  en  Daniel . ‘s Ochtends ging ze lesgeven; ‘s middags haastte ze zich naar huis om een ​​grote pan rijstpap te koken; ‘s middags nam ze de twee jongens mee naar een druk kruispunt om loten te verkopen. Op avonden dat de stroom uitviel, studeerden ze met z’n drieën bij het zwakke licht van een olielamp.
Miguel was begaafd in wiskunde, terwijl Daniel dol was op natuurkunde en haar vaak vroeg:

‘Mevrouw, waarom kunnen vliegtuigen vliegen?’

Mevrouw Maria glimlachte, aaide hem zachtjes over zijn hoofd en antwoordde: