— Precies zoals ik het zeg. Mijn ouders hebben het geld aan mij gegeven. Voor mijn verjaardag. Het is een persoonlijk cadeau.
— Ol, ik begrijp niet waar je naartoe wil, — Igor ging weer op zijn stoel zitten, en in zijn stem klonken stalen tonen. — We wonen al zeven jaar samen. We hebben één appartement, één koelkast, één set rekeningen. Mijn salaris is ons salaris. Jouw salaris is ons salaris. En dit geld is ook van ons.
— Jouw salaris is drie keer zo hoog als het mijne, — zei Olga zacht. — En als jij nieuwe sneakers koopt voor twintigduizend, vraag je mij geen toestemming.
— Dat is iets anders!
— Waarom?
— Omdat ik het hoofd van het gezin ben! — flapte Igor eruit, en verstijfde meteen, besefte dat hij te ver was gegaan.
Olga voelde hoe er iets in haar binnenste scheurde. Niet abrupt, niet plotseling — langzaam, zoals oude stof scheurt.
— Het hoofd van het gezin, — overeenkomstige ze. – Ah.
— Ol, zo innerlijk ik het niet…
— Nee, precies zo binnenkant je het. Jij vindt dat je, omdat je man gebogen bent, het recht heeft om over al het geld in dit huis te beschikken.
— Dat interessante ik niet! Ik… we zijn toch een gezin! Ik begrijp niet waarom deze zo samenvoegt jouw persoonlijke geld is. Dat hebben we nog nooit zo gehad.
Olga stond op en liep door de keuken. Haar gedachten waren verrassend, maar met elke seconde werden ze helderder.
— Igor, weet je nog toen jij vorig jaar een bonus kreeg? Tachtigduizend. Je kocht een nieuwe telefoon, een nieuw pak en ging met Serjoga vissen in Karelië. Was dat een gemeenschappelijk budget?
— Nou ja… dat was mijn bonus voor het project…
— Toen ik een bonus kreeg — dertigduizend, — ging dat geld naar winterbanden voor jouw auto. Waar ik, terzijde, bijna geen gebruik van maak, omdat jij altijd zegt dat jij die auto zelf nodig hebt voor je werk.
– Dat was noodzakelijk! De banden moeten echt vervangen worden!
— En die telefoon van zestigduizend? Was die ook noodzakelijk?
Igor wreef met zijn hand over zijn gezicht. Olga zag hoe hij naar verschillende gezocht, woorden geprobeerd te vinden.
— Luister, ik snap niet waar de agressie vandaan komt. Ik dacht gewoon voor het geld aan nuttige dingen te investeren. Mijn moeder heeft echt een renovatie nodig, ze woont alleen in dat oude flatje…
— Jouw moeder heeft een renovatie nodig, — onderbrak Olga. — Jouw auto heeft onderhoud nodig. Jij hebt een nieuwe computer nodig. Laat op — jij. Ik gebruik de computer eens per maand om iets uit te printen. En jij speelt ‘s avonds games erop.
— Ik doe niet alleen spelletjes…
— Igor, — en in Olga’s stem klonk zo’n staal dat hij verstomde. — Wat voor recht heb jij feitelijk op het geld dat mijn ouders mij hebben gegeven?
Er viel stilte. Je kon de kraan in de badkamer horen druppen — de pakking moest al lang worden vervangen, maar niemand was er ooit van gekomen.
— Wat voor recht? — vergelijkbare Igor zachter. – Ik ben je man.
— En dat geeft je het recht om over mijn cadeaus te beschikken?
— Dit is niet zomaar een cadeau, Ol. Dit is veel geld.
— Juist daarom heb ik het recht om zelf te beslissen wat ik moet doen.
Igor leunde achterover. Olga zag hoe hij met zichzelf vocht, hoe hij naar de juiste woorden zocht maar ze niet vond. Omdat hij waarschijnlijk — zij hadden gelijk. En dat zou iets groters opleveren.
— Je bent veranderd, — zei hij uiteindelijk. — Vroeger was dit niet zo.
— Vroeger had ik geen tweehonderdduizend die mijn ouders mij hadden gegeven. Vroeger viel het mij niet zo op hoe jij normaal bent jezelf als eigenaar van al het geld in dit huis te zien.
— Dat vind ik helemaal niet!
– Jawel. Je vraagt me niet eens of ik het geld wilde uitgeven aan de badkamer van jouw moeder. Jij zei gewoon dat we dat gingen doen. Alsof mijn mening totaal geen rol speelt.
– God, Ol, sorry! Sorry, goed? Ik heb een heftige reactie. Ik werd gewoon enthousiast, dat is alles.
Olga ging weer zitten, zette haar handen op tafel. Ze voelden zich vreemd — tegelijkertijd leeg en gevuld met een nieuwe kracht.
— Igor, snap je waar het probleem zit? Niet eens in het geld. Maar in het feit dat jij automatisch zegt dat je kunt spreken. Je hebt er niet eens over nagedacht.
— Maar we hebben toch altijd al ons geld gemeenschappelijk gehad!
– Nee. We hebben altijd mijn geld gemeenschappelijk gehad. En jouw geld — was van jou.
— Dat is niet waar!
Olga opende de bankapp op haar telefoon, tikte een paar keer en draaide het scherm naar hem toe.
— Hier is onze gezamenlijke rekening. Zie je het saldo? Drieëntwintigduizend. En nu open je privérekening, die je vorig jaar hebt geopend.
Igor trok wit weg.
— Houd je mijn rekeningen in de gaten?
— Ik zag toevallig twee maanden geleden een afschrift, toen het in de mail kwam. Achtenzeventigduizend, Igor. Op persoonlijke jouw rekening. Waarvan?
Hij zweeg, keek weg.
— Van bonussen, — mompelde hij uiteindelijk. — Ik positioneer elke keer een beetje opzij.
— Je opstelling opzij. Voor een strekking?
— Nou… gewoon. Voor het geval dat.
— En waarom wist ik dat niet? Waarom hebben we een gezamenlijke rekening waar we allebei geld op storten voor het appartement en de boodschappen, maar heb jij een privérekening waar je me nooit iets verteld hebt?
— Omdat ik wist dat jij zo zou reageren!
— Dus jij mag persoonlijke middelen hebben, maar ik niet?
