Wijdverbreide “screening” is in de mode geraakt. Elke lichaamsfunctie moet aan frequente en regelmatige controles worden onderworpen: controle van bloeddruk, prostaatgezondheid, cholesterol, diabetes en vele andere aandoeningen die ons sluipenderwijs bedreigen. Er zijn zelfs screeningscampagnes die farmaceutische bedrijven rijk maken en een zegen zijn voor de media, die er geen moeite mee hebben om ons er meerdere keren per dag aan te herinneren dat het dringend is om ons lichaam te laten controleren, net zoals we dat met onze auto doen.
Maar de meest nutteloze en gevaarlijke screening is die voor borstkanker. Via de media moedigen alle gezondheidsautoriteiten vrouwen aan om jaarlijks een mammografie te laten maken om deze kanker te voorkomen, maar niemand waarschuwt degenen die zich aan deze onderzoeken onderwerpen voor de vele risico’s die ze met zich meebrengen.
Dr. Henri Pradal, farmacotoxicoloog, vatte de situatie dertig jaar geleden treffend samen. Volgens hem waren de “dictators van scalpel en radium” er decennialang in geslaagd een misleidende propagandacampagne te voeren over de effectiviteit van hun praktijk, gebaseerd op het oncontroleerbare argument dat vroege diagnose kankerpatiënten alle kansen op herstel geeft. Hij stelde: “Het is gemakkelijk aan te tonen dat röntgenfoto’s van de borsten van een gehele vrouwelijke populatie die in het bijzonder aan kanker is blootgesteld, meer kankerprocessen veroorzaken dan ze detecteren.” Andere artsen delen deze mening.
